Gülen, Confucius en Plato over onderwijs

Een geïmproviseerde bijeenkomst over dialoog en onderwijs

De vierde bijeenkomst van de leesgroep krijgt onverwacht een heel ander karakter dan de voorgaande keren. Vanwege een treinstoring kunnen enkele deelnemers op het laatste moment niet aanwezig zijn, waaronder gespreksleider Gerrit Steunebrink. De overige groepsleden, waarvan sommigen een flinke reis naar Utrecht hebben gemaakt, besluiten de avond toch door te laten gaan en als alternatief het hoofdstuk vanuit eigen vragen en ervaringen te bespreken.

Nut van dialoog
Uiteraard wordt de inhoudelijke inleiding van Steunebrink gemist, maar dit belemmert een enthousiast gesprek niet. Er komen heel wat onderwerpen en praktijkervaringen aan de orde, waarvan er hier slechts enkele kunnen worden uitgelicht. “Wat is nou eigenlijk het nut van dialoog?”, luidt de openingsvoorzet voor de discussie. Het boek van Jill Carroll gaat over dialoog, Fethullah Gülen streeft naar bevordering van dialoog, en tijdens deze bijeenkomsten is het uitgangspunt steeds dat dialoog zinvol is. Maar heel veel mensen lijken daar eigenlijk helemaal geen behoefte aan te hebben en die vinden het wel best zoals alles z’n gangetje gaat. Hiertegen wordt onmiddellijk ingebracht dat een dergelijke houding niet tot verandering of verbetering zal leiden. Mensen kunnen zich namelijk alleen ontwikkelen, als zij nieuwe ervaringen opzoeken en iets willen leren. Dit zal vervolgens leiden tot ontmoeting en dialoog, wat nodig is om verder te komen.

Leefbaarheid
Om een betere leefbaarheid te bereiken, worden overal veel, heel veel projecten opgestart, die vaak niet het gewenste resultaat hebben. De vraag komt op of het mogelijk is dat hierdoor zelfs een averechts effect ontstaat. Dit wordt nadrukkelijk herkend en onmiddellijk gestaafd met voorbeelden. In sommige wijken zijn de bewoners namelijk moe geworden van steeds weer nieuwe initiatieven die in hun ogen niets opleveren. Hiertegenover kan gelukkig ook een succesverhaal worden verteld over een wijk waar voor verbetering van de leefbaarheid werd ingezet op talent, in plaats van op achterstand. Dat betekent in de praktijk dat het bestuur dichter bij de bewoners is gebracht, dat er is geïnvesteerd in woningrenovatie, voorzieningen, kleinschalige werkgelegenheid en bovendien veel in het onderwijs.

Onderwijs
Hiermee is de discussie aangeland bij onderwijs, het oorspronkelijke onderwerp van hoofdstuk 4 van Een dialoog tussen beschavingen. In het Nederlandse onderwijs, naast het gezin de belangrijkste plek voor opvoeding, zijn door de jaren heen zoveel veranderingen doorgevoerd, dat het voor de leesgroep moeilijk is om de invloed van vormende vakken als godsdienst, burgerschapsvorming, levensbeschouwing en filosofie te beoordelen. Soms waren die vakken verplicht, soms niet, op veel scholen werd dit steeds weer anders ingevuld, en op andere scholen zelfs helemaal niet aangeboden. Het lukt ook niet om vergelijkingen met de buurlanden België en Duitsland te maken. In Duitsland worden deze vormende vakken bijvoorbeeld helemaal niet gegeven, maar over het algemeen leven de verschillende bevolkingsgroepen er goed samen. Toch zijn de deelnemers het eens dat deze lessen, naast alle theoretische vakken, de leerlingen praktische kennis kunnen bijbrengen die een beter samenleven bevorderen. Bovendien is men blij dat in het curriculum de laatste tijd langzaam kunst en cultuur weer terugkeren, die ook bruikbare vaardigheden stimuleren. Deze opvattingen over vormende vakken en cultuuronderwijs vinden we terug bij Gülen, die bovendien het belang van goede opvoeders benadrukt.

De actualiteit
Tot slot kan de groep niet om de huidige onrust in Turkije heen, waar een protest tegen het verdwijnen van een park is omgeslagen in een breed verzet tegen premier Erdogan. In de Nederlandse media wordt er veel aandacht aan besteed en er schijnt onder meer geschreven te zijn dat veel door Gülen-geïnspireerden kritisch zijn over de regering van Erdogan, met name op spiritueel gebied. Volgens een deelnemer zal dit veel Turkse kiezers aanspreken, waardoor zij zich zullen realiseren dat er meer is dan economie. De situatie in Turkije is zorgelijk en zal vast de volgende en laatste bijeenkomst, hopelijk weer tezamen met Steunebrink, opnieuw aan de orde zal komen.

Bettina J. Mulder
10 juni 2013

Verklaring n.a.v. de onrust in Turkije

Abant, een van de vijf platforms van Stichting Schrijvers en Journalisten waarvan Fethullah Gulen de ere voorzitter is, roept op om fundamentele vrijheden en rechten te beschermen.

“De echte welvaart van Turkije zit in pluriformiteit”

Abant, het toonaangevende Turkse maatschappelijk debatplatform roept in een verklaring van 5 juni 2013 (http://www.abantplatform.org/Haberler/Detay/2375) zowel de Turkse overheid als de demonstranten op om verstandig en terughoudend te opereren. Dit om geweld te voorkomen tijdens de landelijke protesten die Turkije al meer dan een week in haar greep houden.

Het Abant Platform spreekt haar bezorgdheid uit over de mogelijke chaos die voortkomt uit gewelddadige acties van beide kanten tijdens de protesten, oorspronkelijk ontstaan uit bezorgdheid om het milieu en de leefomgeving.

De verklaring, opgesteld door leden van de directie van het Abant Platform, noemt het buitensporige geweld door de politie tegen de demonstranten de belangrijkste oorzaak van de verspreiding van de gewelddadige protesten door het hele land.

Abant geeft aan dat het belangrijk is te komen tot het direct beëindigen van de gebeurtenissen, die fundamentele rechten en vrijheden, de nationale vrede, democratische stabiliteit en de veiligheid van mensen bedreigen. Dat is de ethische en humanitaire verantwoordelijkheid van de politieke partijen, maatschappelijke organisaties, publieke figuren, in het bijzonder de overheid en de demonstranten zelf.

Het Abant Platform komt regelmatig bijeen om een aantal van de meest vitale vraagstukken over Turkije en de wereld te bespreken met personen uit elk segment van de samenleving en prominente intellectuelen.

Het platform nodigt de huidige regering uit om het land met voorzichtigheid te regeren en zicht op te stellen als een regering van alle 76 miljoen mensen, verwijzend naar alle inwoners van Turkije. Daarbij doet ze een beroep op de demonstranten, om acties vreedzaam te laten verlopen.

“In democratieën bepaalt de stembox niet alles. We moeten niet vergeten dat diegene die met verkiezingen kwamen ook zouden moeten vertrekken met verkiezingen,” aldus de verklaring.

Het platform stelt dat sommige recent goedgekeurde regelgeving van de overheid wordt gezien als een inmenging in de levensstijl van mensen wat leidt tot een aantal verstoringen in de samenleving. Daarbij voegt de verklaring toe dat een aantal van de regering onderschreven beslissingen over het hoofd gaan van verschillende religieuze minderheden. De verklaring dringt aan op het herzien van deze beslissingen, in het voordeel van het gehele land.

De verklaring geeft aan dat de echte welvaart van Turkije pluriformiteit is, die schuilt in het respect voor verschillen.

“Elke individu verdient respect voor haar eigen voorkeuren en geloof. De garantie voor nationale vrede ligt bij het in acht nemen van deze waarden door alle politieke instellingen, vooral de overheid ” aldus de verklaring.

Abant Platform Board of Trustees:

Prof. Dr. Levent KÖKER, Yönetim Kurulu Başkanı

Prof. Dr. Beril DEDEOĞLU

Prof. Dr. Eser KARAKAŞ

Mustafa YEŞİL

Prof. Dr. Mümtazer TÜRKÖNE

Prof. Dr. Serap YAZICI

Cemal UŞAK

Prof. Dr. Mehmet ALTAN

Dr. Ümit KARDAŞ

Prof. Dr. Niyazi ÖKTEM

Cafer SOLGUN

Prof. Dr. Ferhat KENTEL

Ümit FIRAT

Herkül MİLAS

Ali BULAÇ

Hüseyin GÜLERCE

Hüseyin H. HURMALI

, ,

Gülen, Confucius en Plato over het menselijke ideaal

De leesgroep ‘Een dialoog tussen beschavingen’ komt alweer voor de derde keer bijeen en is aangeland bij een van de kernhoofdstukken van het boek. Auteur Jill Carroll construeert hierin een tekstuele ‘trialoog’ over het menselijke ideaal tussen Fethullah Gülen en de filosofen Confucius (551 – 479 v. Chr.) en Plato (ca. 427 – 347 v. Chr.).

Methode
De opvattingen van Gülen, Plato en Confucius dat het menselijke ideaal als doel functioneert voor menselijke ontwikkeling en prestaties, worden door Jill Carroll naast elkaar gezet. Hun gemeenschappelijke claim is dat de samenleving het best functioneert wanneer die geleid wordt, en bestaat uit, mensen met morele en intellectuele deugden. De door Carroll gehanteerde methode van een kunstmatig geconstrueerde trialoog is op het eerste gezicht een aardig uitgangspunt, maar tijdens de bespreking geeft een groot deel van de groep aan dat dit tot vragen en onduidelijkheden leidt. Voor een juiste vergelijking met Plato en Confucius geeft het boek namelijk onvoldoende informatie over de ideeën van Gülen. Ook is niet steeds duidelijk of een genoemde opvatting door Gülen is verwoord, of dat Carroll die in deze trialoogvorm in de mond van Gülen legt. Het lijkt er bijvoorbeeld op dat Gülen zich heeft laten inspireren door Plato, maar dit is uit Gülens teksten op geen enkele wijze op te maken.

Elite
Het is echter wel duidelijk waar Gülen zich op richt en dat is de vorming van hoogstaande mensen die in de maatschappij verantwoordelijkheid op zich nemen. Alle drie de denkers zijn van mening dat een zekere elite de politieke leiding van een staat op zich moet nemen en Carroll plaatst ze daarom op één lijn. Maar even verderop verandert ze de invalshoek ineens van overeenkomsten naar verschillen, wanneer ze erkent dat, in tegenstelling tot Plato en Confucius, Gülen niet met politiek bezig is, maar zich richt op onderwijs. Op deze wijze streeft hij naar de vorming van goed opgeleide mensen op allerlei terreinen, die zich inzetten voor het algemeen belang.

Gerrit Steunebrink licht toe dat in Turkije de angst is ontstaan dat de Gülenbeweging op deze manier hoge posities binnen de staat zal verwerven en vervolgens macht naar zich toe zal trekken. Het boek biedt geen antwoord op de vraag of deze angst terecht is. Een van de leesgroepleden, Ahmet Kaya, die goed is ingevoerd in de teksten van Gülen, vertelt dat dit onterecht is en dat Gülen juist afstand bewaart tot de staat. Dit neemt niet weg dat er in de politiek wel door Gülen geïnspireerde politici zitten. Maar Gülen is voorstander van een seculiere democratie, op voorwaarde dat die ruimte biedt voor persoonlijke spiritualiteit.

Oude tradities
Verder stelt Carroll vast dat Confucius en Gülen beide teruggrijpen op een oertijd waarin volgens hen alles beter was. Dit betekent in het geval van de islam teruggaan naar het eerste tijdperk van de rechtgeleide kaliefen, de eerste drie generaties na de profeet Mohammed. Het valt Steunebrink op dat Gülen zich positief uitlaat over het voormalige Ottomaanse Rijk dat een eigen systeem van tolerantie kende. Volgens Steunebrink was dit systeem volgens de moderne begrippen van individuele tolerantie helemaal niet zo tolerant. Kaya reageert hierop met een toelichting over de ontwikkeling in drie levensfasen die Gülen in zijn denken heeft doorgemaakt. Zo heeft Gülen zich in het verleden op momenten positief uitgelaten over het Ottomaanse Rijk en negatief over het Westen. Maar zeker sinds hij in de VS woont, is hij kritischer geworden aangaande het Ottomaanse tijdperk en laat hij zich tegenwoordig juist vaak positief uit over het Westen.

Onbeantwoorde vragen
Aan het eind van de avond blijft de groep met vragen zitten, niet alleen omdat er onvoldoende teksten van Gülen in het boek zijn opgenomen, maar ook omdat de auteur op verschillende punten niet volledig duidelijk is. In het vierde hoofdstuk zal Gülen opnieuw worden vergeleken met Plato en Confucius, maar dan op het gebied van onderwijs. Hopelijk verschaft deze volgende bijeenkomst meer helderheid.

 

Bettina J. Mulder
27 mei 2013