Verslag: Samen inhoud geven aan de Kunst van het samenleven

Ruim 100 Tukkers kwamen zondag 17 april jongstleden bijeen in buurtcentrum De Schoppe in Almelo voor een heerlijk buffet. Het was een zeer gemêleerde groep  van jong tot oud, mannen en vrouwen van verschillende religies en subculturen. Het brunchprogramma was georganiseerd door stichting Ebru, een organisatie die zich inzet voor sociale cohesie. Platform INS deed mee in het kader van haar tour door Nederland om mensen mee te laten denken over hoe we als Nederlanders de Kunst van het samenleven handen en voeten kunnen geven en hoe iedereen daar vanuit zijn eigen positie aan kan bijdragen.

Het was een interactieve middag met een panel en een actief betrokken zaal. In het panel zaten Saniye Calkin, nieuwe directeur platform INS, Jos Artz, van ArtzAdvies en Jan Post Hospes van Geloven in Samenleven, samen met zijn  collega Tjitske Yazici. Zij vertelden over hoe zij proberen elke dag weer inhoud te geven aan de kunst van het samenleven in hun dagelijkse werk. Of  het nu gaat om diversiteit in de zorg, om het bespreekbaar maken van lastige kwesties rond radicalisering of het actief aangaan van de dialoog met andersdenkenden, het is een constante uitdaging.

Zoals het vaak gaat bij dit soort gezellige gelegenheden zijn we het vaak met elkaar eens over hoe de ideale samenleving eruit ziet. Het gaat om respect voor ieders kwaliteiten, om menswaardigheid te eren. Maar er kwamen ook tips uit de zaal hoe je verdieping krijgt in ontmoetingen: vertel elkaar hoe je over bepaalde zaken denkt, vertel elkaar waar je je zorgen over maakt. En last but not least, tel je zegeningen. We leven in een vrij land, met een rechtstaat waarin individuele vrijheid van bewegen en denken zijn gewaarborgd.

Het was een geslaagd experiment om samen eten en ontmoeten te verbinden aan een thema als de Kunst van het samenleven. Platform INS zal in de toekomst vaker het land in gaan om aan te sluiten bij de vele mooie dialoog en ontmoetingsactiviteiten van  organisaties in het land. De uitdaging voor de toekomst bij dit soort activiteiten ligt voornamelijk in het uitbreiden van de kring van mensen en andersdenkenden om ook met hen samen inhoud te geven aan de kunst van het samenleven.

[nggallery id=151]

 

 

,

Verslag – Love is a verb vertoning Utrecht

De prijswinnende documentaire ‘Love is a verb’, die gaat over Fethullah Gülen en de Hizmet beweging, werd op 18 april 2016 gedraaid in het Louis Hartlooper Complex te Utrecht. Rond 120 mensen van verschillende leeftijden en achtergronden hebben van deze film kunnen genieten. Na afloop was er mogelijkheid voor vragen, waar volop gebruik van werd gemaakt.

Verslag: Karima Moussa,
masterstudent Islam in de moderne wereld, Universiteit van Amsterdam

Love is a verb werd in Nederland voor het eerst vertoond in de Rode Hoed. Op 24 oktober 2014 kwam daar een publiek van circa 400 mensen op af. De documentairemaakster Terry Hesser Spencer was die avond aanwezig om na afloop vragen te kunnen beantwoorden. Terry Hesser Spencer is een filmmaakster, zelf ongelovig en kwam op het idee om deze film te maken toen zij werd uitgenodigd door de organisatie om naar Turkije te reizen en hier meer over de beweging leerde. Aangezien het grote succes van deze avond, heeft Platform INS besloten om de documentaire over Fethullah Gülen en de Hizmetbeweging voor de tweede keer te vertonen.

Shanti Tuinstra van Platform INS opende de avond en heette het publiek welkom. Zij gaf een korte uitleg over de documentaire en de idealen van Gülen en wat deze met Platform INS te maken hebben. Platform INS heeft de ‘kunst van het samenleven’ hoog in het vaandel staan en heeft zich hierbij laten inspireren door de idealen van Fethullah Gülen. Hij is namelijk een sterke voorstander van dialoog & tolerantie en moedigt deze aan om zo de wereld tot een veilige plek te maken voor iedereen. Na de korte introductie werd de documentaire vertoond. De documentaire is een compilatie van de geschiedenis van Turkije, de doelen van Fethullah Gülen, zijn beweging en mensen die aan het woord kwamen om over Fethullah Gülen en zijn beweging te praten.

Gülen is een vrome gelovige die hoofdzakelijk de problemen op de wereld ziet in drie domeinen: onwetendheid, armoede en verdeeldheid. Hij zocht de oplossing daarvoor voornamelijk in respectievelijk onderwijs, ondernemerschap en dialoog. Als de kern van alle problemen echter, ziet hij de mens. Daarom moet er volgens hem geïnvesteerd worden in mensen. In 1982 openden mensen uit de beweging op advies van Gülen de eerste school in Turkije. Binnen korte tijd ging zijn visie de hele wereld over; scholen openen was het middel, maar de mensheid dienen (het Turkse ‘Hizmet’) het doel.

Maradona-en-Fetullah-GulenEen liefdadigheidsevenement in Istanbul, een voetbalwedstrijd om precies te zijn,  in 1985 waar ook wereldberoemde voetballer Maradona bij was, bracht geld op voor drie scholen in Sarajevo. Deze scholen zijn heel erg belangrijk voor de beweging en betekenen ook heel veel voor de mensen die er scholing hebben gehad. Ten tijde van de oorlog in Bosnië kwamen de drie etnische groepen die met elkaar in strijd waren, in de schoolbanken van Hizmet scholen elkaar tegen. Dit verbroederde dermate, dat een oud-leerling aangeeft dat de haat voor zijn landgenoten is omgeslagen tot liefde. Dat de scholen die door mensen uit Hizmet werden geopend gewaardeerd werden, blijkt ook uit de woorden van een Koerdische docente uit Noord Irak. Zij geeft namelijk aan dat alles wat zij in haar leven tot nu toe heeft bereikt, mede mogelijk gemaakt is door wat zij op die school heeft gezien, ervaren en geleerd. Een andere Koerdische vrouw die eveneens onderwijs heeft genoten op een dergelijke school, werd ingenieur en brengt nu, als enige vrouw onder de mannen, water door middel van een waterproject naar de woestijnen in Noord Irak.

Toen Kemal Ataturk Turkije tot een republiek omvormde in 1923, besliste hij dat de staat seculier zou worden en dat hij totale controle over de staat zou uitoefenen. Hij vond dat moderniteit alleen mogelijk is zonder invloeden van het geloof, in dit geval de islam. Hoewel er de gedachte heerst dat moderniteit, tolerantie en democratie enkel westerse waarden waren, denkt Gülen hier heel anders over. Hij ziet dat niet als alleen toebehorend tot één bepaald groep. Sterker nog, tolerantie is één van de intrinsieke kwaliteiten van de islam. Gülen vond in tegenstelling tot Ataturk dat de islam niet in tegenstijd is met een democratie of met bijvoorbeeld de gelijkheid van vrouwen en mannen. In de Gülenbeweging zijn zowel vrouwen als mannen actief in alle lagen van de samenleving. Een voorbeeld hiervan is de samenwerking tussen Emine Alyaprak en Celal Kadi, beide artsen, die voor de organisatie Kimse Yokmu naar Somalië reisden om hier de behoeftigen te voorzien van de juiste medicatie en zorg.

Naast een korte introductie over de geschiedenis van Turkije kwamen in de documentaire verschillende mensen wereldwijd aan het woord. Journalisten, wetenschappers, onderwijzers, maar ook critici kwamen aan bod. Jill Caroll, schrijfster van o.a. ‘A Dialogue of Civilizations: Gulen’s Islamic Ideals and Humanistic Discourse’  geeft aan dat het doel van de Gülen beweging is om de wereld een veilige plek te maken voor iedereen. Hoewel er veel positieve geluiden in de documentaire voorkwamen en het gedachtegoed van Gülen wereldwijd is overgenomen, zijn er ook mensen die kritisch tegenover de beweging staan. Vragen komen op over wat het daadwerkelijke doel van Gülen nou is, of hij de Sharia zou willen invoeren en een islamitische Republiek tot stand zou willen brengen? Men was daarnaast ook bezorgd over hun veiligheid en in hoeverre de beweging er nou voor iedereen is. De beweging heeft echter al bewezen dat het niet politiek islamitisch georiënteerd is en dat het juist verschillende religies en culturen bij elkaar brengt. Het idee dat dit niet zo is, wordt slechts opgepakt door een sterke minderheid die anti-moslim zijn. Jill Caroll reageert hierop door te zeggen dat dit vooral mensen zijn die het beeld hebben van de  islam dat het een slechte religie is ongeacht wat er gezegd wordt. Gülen’s oplossing hiervoor is om de dialoog met elkaar aan te gaan om zo de onwetendheid over elkaars leefwereld aan te pakken. Het uiteindelijke doel hoort voor iedereen hetzelfde te zijn: een veilige plek creëren voor iedereen.

De avond werd afgesloten met de mogelijkheid tot vragen en een borrel. Samen met Shanti Tuinstra, stond Saniye Calkin ter beschikking voor vragen vanuit het publiek. Geheel te verwachten werd er de twijfel uitgeroepen over de beweging. Hiervoor werd door een aanwezige journalist Betsy Udink aangehaald die beweert dat de beweging door middel van de scholen die zij oprichten de kinderen juist de islamitische leer proberen op te dringen. Echter zijn er in de documentaire een aantal scholen aan bod geweest die geen islamitische docenten hebben en bedoeld zijn voor minderheidsgroepen die anders achterstand zouden oplopen. Het doel is juist om onwetendheid in alle lagen van de samenleving weg te nemen opdat er geen vooroordelen meer zouden ontstaan en men vredig met elkaar kan samenleven in een multiculturele en pluriforme maatschappij. Saniye Calkin beantwoordt deze twijfel ook door aan te geven dat de beweging vooral de spanningen in de samenleving die veroorzaakt worden door angst, wantrouwen, onwetendheid en onbekendheid wil wegnemen en dat de oplossing hiervoor de dialoog is.

Uit het publiek ontstond toen de vraag naar welke dialoog er precies gezocht werd. Saniye gaf hierop enkele voorbeelden zoals ‘het ontmoetingsproject’, ‘het kunst van het samenleven brunch’ of de ‘bezoek je buren’ project. Het doel van deze projecten is om elkaar op te zoeken en om van elkaar te leren; vooral de mensen die anders denken zouden het leven van een ander kunnen verrijken.

Tot slot was er de mogelijkheid om in de foyer een borrel te nuttigen en met elkaar een babbeltje te maken. Er werd van deze gelegenheid optimaal gebruik gemaakt en je zag de conversaties tussen de verschillende mensen ontstaan. De dialoog waar Gülen het over heeft, werd hiermee in praktijk gebracht. Zo excentriek is het dus eigenlijk niet dat Gülen met zijn woorden vele mensen heeft geraakt. Tenslotte komt dit allemaal neer op ‘de kunst van het samenleven’, waar we allemaal aan moeten bijdragen.

 

Bekijk hier alle foto’s: [social_link type=”facebook_account” url=”https://www.facebook.com/media/set/?set=a.1046139008754769.1073741862.440969865938356&type=3″ target=”on” ]

, ,

Verslag: Verhalen- en gedichtenavond

Donderdag 31 maart organiseerden Platform INS en Dialoog Haaglanden in Den Haag een verhalen- en gedichtenavond over de islamitische mystici Roemi, Yunus Emre en Ahmed-i Khani. Er was een grote opkomst met een vrij gemengd publiek. De dagvoorzitter Salima Benaissa opende de avond en gaf het woord aan Sinan Evsen, directeur van Dialoog Haaglanden. Hij leidde het thema van de avond verder in door te vertellen dat de beroemde mystici Roemi, Yunus Emre en Ahmed-i Khani hun prachtige werken maakten in een tijdperk van oorlog en terreur. Die context lijkt op de huidige situatie in de wereld en zo kunnen Roemi, Yunus Emre en Ahmed-i Khani  de mensen vandaag de dag leren over liefde en vreedzaam samenleven.

Na deze inleiding werd het programma afgetrapt met de voordrachten van de professionele verhalenverteller Rahim Biglari. Onder begeleiding van muziek vertelde Rahim prachtige verhalen over Roemi en zichzelf. De verhalen benadrukten hoe mystici gebruik maakten van metaforen om iets uit te leggen. Zo vertelde Rahim een verhaal van Roemi over een olifant. Hij vertelde dat er een olifant naar een dorp kwam, waar de bewoners nog nooit een olifant hadden gezien. Vijf blinden waren vooruitgestuurd om te ontdekken hoe de olifant eruit zag. De ene blinde dacht dat de olifant eruit zag als een slang, omdat hij de slurf vast had. Een andere blinde hield het been van de olifant vast en concludeerde dat de olifant op een boom leek. Nog een andere blinde hield de staart van de olifant vast en dacht dat het beest op een rat leek. Zo bleek dat iedereen een stukje uiterlijk van de olifant had gevonden, maar dat niemand enig idee had hoe de olifant er echt uit zag. Dit metaforische verhaal laat zien hoe mensen geloven de waarheid te kennen, terwijl de waarheid eigenlijk veel verder gaat dan de belevingswereld van het individu.

Na de verhalen van Rahim werd er een film vertoond over het leven van Roemi. Mevlana Djaalaaddin Roemi was een van de grootste spirituele meesters en poëtische talenten van de mensheid. De gedichten en proza van Roemie hebben een spirituele inhoud die de universele taal van de menselijke ziel bevatten. Zij spreken over de spirituele reis van de mens. De film vertelde waar Roemi vandaan kwam en wat zijn werken waren. Daarnaast werden enkele soefi rituelen tijdens de film uitgelegd. Vervolgens werden er voordrachten gehouden over de gedichten van Yunus Emre, Ahmed-i Khani en Roemi. Yunus is een mysticus die vooral in het Turks heeft geschreven en zo een Turkse volksheld is geworden. De gedichten van Yunus zijn dan ook heel eenvoudig en puur geschreven. Door zijn creatieve manier van omgaan met de taal heeft hij bijgedragen aan de ontwikkeling van de Turkse taal, cultuur en literatuur.

Ahmed-i Khani is een populaire Koerdische  dichter, schrijver en mysticus uit het de 17e eeuw. Net als Roemi leefde hij in een tijd van oorlog. Het is opvallend dat hij veel gedichten in het Koerdisch heeft geschreven, aangezien het Perzisch, Arabisch en Ottomaans Turks zeer populaire talen waren in zijn tijd.

Tenslotte werden er nog gedichten voorgedragen van Roemi. Roemi brengt in zijn gedichten vooral de boodschap over dat hij blij is een dienaar van God te zijn. Hij schreef vooral in het Perzisch, waardoor zijn gedichten ook het best klinken in het Perzisch. Hiervoor deed Rahim nog een speciale voordracht in het Perzisch. Na afloop konden de mensen nog napraten met koffie, thee en koekjes en werden er boeken over Roemi verkocht.

,

Deel III: Wat maakt dat ik (blijf) geloven?

Deel III: Wat maakt dat ik (blijf) geloven?In de huidige seculiere maatschappij is geloven niet meer een dagelijks voorkomende fenomeen. Religie is voor veel mensen geen onderdeel meer van het dagelijks ritme. Maar anno 2016 zijn er nog genoeg mensen die geloven. In Rotterdam kwamen voor de 9e jaar op rij een groep moslims en christenen, daarmee dus de aanhangers van de twee grootste wereldreligies, bijeen voor een dialoogbijeenkomst. 

Verslag: Mehmet Ali Kocaman
Student Islamitische theologie aan de Islamitische universiteit 

Het onderwerp van deze laatste cursusbijeenkomst was ‘wat maakt dat ik blijf geloven?’ Daarbij kwamen vragen voorbij als: Zou je nog moslim/christen zijn als je in een ander gezin was geboren? Waarom zijn er anno 2016 nog steeds christenen en moslims in Rotterdam? Wat houdt ons bij ons geloof? Waarom ben je eigenlijk christen of moslim? Iets zorgt ervoor dat je niet afhaakt, wat is dat? En wat vind je wel eens lastig aan geloven? Wat heb je nodig om het vol te houden?

Bittere zonden, zoete geloof

Dominee Martijn van Laar nam het woord en legde uit wat het programma voor deze avond inhield. “Eerst zullen we luisteren naar twee inleiders, een christen en een moslim. Vervolgens gaan we in groepen uiteen om met elkaar in gesprek te gaan over het thema van vanavond.”

Een collega van dominee Van Laar, dominee Arjan Markus, nam eerst het woord. Hij vertelde over waarom hij nog blijft geloven anno 2016, maar ook wat het hem lastig maakt. Dominee Markus begon eerst met wat het voor hem moeilijk maakte om te geloven. “De hedendaagse seculiere maatschappij waarin wij nu leven maakt het soms moeilijk om gelovig te blijven”, vertelde de dominee.  “Het leven, rampen en wat er gebeurt in de wereld maakt het soms lastig. De seculiere cultuur waar wij in leven, films, boeken, tv en wat we nog meer tot ons nemen, daar is God in afwezig. Dat beïnvloedt ons ook. Of het willen of niet.” Vervolgens bracht dominee Markus in waarom hij toch blijft geloven. Eén van zijn voornaamste redenen was: God. “Hij blijft aan mij trekken, ik kom niet van hem af.” Daarmee doelde hij erop dat de sterke band die hij voelt met zijn schepper, de omgeving waar hij zich in bevindt en zijn geloofsgenoten die voor hem bidden op zondag, hem helpen bij het geloof te blijven.

De tweede spreker was imam Mourad El Aissati, van stichting At Taouhid. Imam Mourad, die theologie studeert in Leiden, legde uit waarom hij nog gelooft: “Waarom blijf ik bij het geloof? Omdat ik de zoetheid die ik van het geloven in God en de bittere smaak van mijn zonden heb geproefd.” De imam had zijn gemeenschap, en in het bijzonder jongeren, gevraagd wat hen staande houdt. Hun input had hij vervolgens verwerkt in zijn eigen verhaal: “Ik wil gelovig blijven, omdat ik God zijn genade wil blijven voelen. Ik zal gelovig blijven, omdat Hij het verdient om aanbeden te worden. Als ik bekijk wat voor moois de mensen hebben gebouwd, raak ik benieuwd naar de paleizen die God voor ons klaar heeft staan in de hemel.” Het eeuwige leven die de mens te wachten staat na de dood, houdt de imam in dit leven staande en hij gaf daarover aan: “dat houdt mij bij mijn geloof.”

Diepgang

Nadat de twee sprekers klaar waren, werd het publiek in groepjes verdeeld en was het de beurt van de deelnemers om met elkaar in gesprek te gaan. Na een kennismakingsrondje konden de deelnemers vijf vragen op een briefje behandelen, maar dat diende meer als steuntje om het onderlinge gesprek op gang te brengen. De vraag die natuurlijk centraal stond was ‘Wat maakt het dat ik blijf geloven?’, welke aangevuld werd met vragen als ‘wat maakt het voor jou moeilijk om te geloven?’ en ‘in hoeverre hoort twijfel volgens bij jou bij geloven?’. Het gesprek aan tafel verliep goed. Eén deelnemer liet weten het gevoel te hebben dat moslims en christenen in principe heel veel overeenkomen en overlap hebben in wat zij geloven.

De laatste cursusbijeenkomst leek sneller te eindigen dan gebruikelijk, maar misschien kwam dat ook wel omdat men zo diep in gesprek was geraakt met elkaar. Na het eindsein bleven nog veel mensen achter om hun gesprekken af te maken. Dat liet zien dat hoewel het einde van het 9e dialoogjaar tussen moslims en christenen, er nog steeds genoeg te bespreken valt in de toekomst.

 

Kerkdienst
Hoewel de gezamenlijke bijeenkomsten afgelopen zijn, is er nog één onderdeel van deze cursus die nog moet plaatsvinden. Zondag 24 april zijn de cursisten welkom om een kerkdienst in de Oude of Pelgrimvaderskerk bij te wonen die om 10.00 uur start.

 

Geprikkeld door dit verslag?

Lees dan ook de verslagen van de andere twee bijeenkomsten:

Deel I: Barmhartigheid

Deel II: “Ik, wij en zij…”

Deel III: Wat maakt dat ik (blijf) geloven?

, , , , , ,

Deel II: “Ik, wij en zij…” bekeken vanuit de islam en het christendom

Verslag: Karima Moussa,
masterstudent Islam in de moderne wereld, Universiteit van Amsterdam

 

Op 6 april vond de tweede dialoogbijeenkomst tussen moslims en christenen plaats. Ditmaal ging het over het onderwerp ‘ik, wij en zij’. We wonen in een hele diverse en veelkleurige stad. Er is een veelheid aan meningen, (geloofs)overtuigingen en (sub)culturen. Dat is mooi, maar levert ook spanningen op. Hoe ga ik om met diversiteit en met mensen die anders denken dan ik (ook binnen mijn eigen traditie)? Hoe zit het met het belang van de ander? Zijn er grenzen aan mijn eigen vrijheid? Hoe is in de tradities van christendom en islam in de loop van de geschiedenis met deze vragen omgegaan? Dit waren enkele vragen die centraal stonden bij deze bijeenkomst. 

30 maart vond naar aanleiding van de cursus ‘moslims en christenen’de eerste ontmoeting plaats tussen christenen en moslims. De cursus bestaat uit drie delen en het doel is om christenen en moslims met elkaar in gesprek te brengen om zo wederzijdse begrip en respect aan te moedigen. De eerste cursusavond had als thema ‘barmhartigheid’. Een kernwoord die het christendom, jodendom en islam  met elkaar delen, is barmhartigheid. Hoe wordt er vanuit deze benadering met vluchtelingen omgegaan?

Ik, wij en zij - vanuit islamitisch en christelijk perspectiefDe tweede ontmoeting vond plaats op 6 april in het Oude of Pelgrimsvaderkerk. Er kwamen hier zeker 50 nieuwsgierige cursisten op af. De inleiding van de avond werd gevuld met twee korte speeches van dominee Martijn van der Laar van de Oude of Pelgrimsvaderkerk en Ahmet Kaya van Platform INS. Dominee van der Laar informeerde ons over het ontstaansgeschiedenis van het christendom wat in het Romeinse Rijk begon. Het Romeinse Rijk kende veel diversiteit, maar het aanpassen was een grote must. Het was dan ook niet makkelijk voor de kleine groep christenen. De christenen waren in een minderheid en het geloof werd vooral verspreid via vluchtelingen. Ondanks de kwetsbaarheid van de christenen, heeft de kleine groep zich staande weten te houden. Pas  313 na Christus werd het een toegestane religie. Het tij keerde. Het christendom werd een staatsreligie, waardoor het christen zijn een grote voordeel werd.

Zowel dominee van der Laar als Ahmet Kaya behandelden de twee belangrijkste figuren van het christendom en Islam, Jezus en profeet Mohammed. Het opmerkelijke van deze twee personen zijn de gemeenschappelijke kenmerken. Hoewel de christelijke en islamitische samenleving zich vaak kenmerkt door het ‘wij, zij gevoel’, raadden zowel Jezus als profeet Mohammed dit ten strengste af. De liefde en barmhartigheid voor de medemens is belangrijk. Jezus was een vrij persoon en trok zich niets aan van het wij/zij cultuur. Hij kende een ongekende innerlijke vrijheid wat zijn identiteit versterkte waardoor ondanks de vele scheldwoorden die hij naar zich toe kreeg geslingerd, hij met iedereen vrij omging. Jezus fungeert dan ook als een voorbeeld voor vele christenen. Zijn vrije geest en sterke persoonlijkheid stimuleren het liefhebben van de medemens.

Het tweede deel van de inleiding werd verzorgd door Ahmet Kaya die uitleg gaf over profeet Mohammed. Naar aanleiding van het verhaal over de profeet, probeerde Ahmet Kaya aan te geven dat het van belang is goed voor elkaar te zorgen. Elk mens is bijzonder en ongeacht de onderlinge verschillen, delen we een belangrijke kenmerk: we zijn uiteindelijk allemaal mens en gecreëerd door de schepper. De profeet heeft vanwege zijn uitnodiging tot het geloof, net als Jezus, een moeilijke periode gekend. In een tijd waarin afgoderij de samenleving bepaalde, was het geloven in één God onvoorstelbaar. De profeet werd uitgescholden, maar trok zich hier niet veel van aan. De openbaringen die hij van engel Gabriël ontving in de grot Hira, verrijkten op zijn zachtst gezegd zijn leven. Het werd zijn taak om dit over te brengen op de mensen. Zijn (eerste) vrouw Khadija, steunde hem en dit maakte hem sterk in zijn levensdoel. Toch was het niet makkelijk te blijven in Mekka en met de weinig moslims die er toen waren, vertrok hij dan ook naar Medina. Ongeacht de negativiteit van de samenleving, koppelde de profeet de verschillende mensen en groeperingen aan elkaar. ‘Zorg goed voor je buren’ is een belangrijke zin die de profeet meerdere malen heeft uitgesproken.

Jezus en eveneens profeet Mohammed hebben het moeilijk gehad om het woord van God over te brengen op de mensen. Het is dan ook niet voor niks dat God deze twee personen heeft uitgekozen om dit te doen. Hun sterke persoonlijkheid en identiteit zorgden ervoor dat zij deze taak op zich konden nemen en er met volle overtuiging voor konden gaan. Deze twee personen zijn een toonbeeld voor christenen en moslims. De christenen geloven dat God via Jezus tot hen is gekomen, terwijl de moslims geloven dat de profeet openbaringen ontving van engel Gabriël om dit over te brengen op de bevolking. Dat God genadig, barmhartig en vergevingsgezind is, delen beide religies en er moet dan ook ondanks de verschillen niet worden vergeten dat God de schepper is van alle schepselen, wat  de mens juist met elkaar verbindt. Vanuit dat perspectief moet er worden samengeleefd. Ondanks het feit dat Rotterdam een diverse stad is,  is het belangrijk te weten dat de twee vooraanstaande figuren vrij in de omgang waren en iedereen met respect behandelden.

Hoe is er dan een situatie ontstaan waarin we toch in een ‘ik, wij, zij’ cultuur leven? Over dit onderwerp gingen de aanwezigen in kleine groepen christenen en moslims in gesprek. Wat al heel snel opviel waren de rustige dialogen. Het doel was niet om elkaar te overtuigen, maar geïnteresseerd naar elkaars verhaal te luisteren. Uiteindelijk is elk mens overtuigd van zijn eigen gelijk. Het doel moet dan ook zijn om elkaars waarheden te respecteren. Opmerkelijk is dat bijna elk persoon blij was met een pluriforme samenleving. Het verrijkt de stad werd er gezegd en het maakt de stad tot wat die nu is. Het ‘wij, zij’ denken leeft wel, maar is dit eigenlijk niet gewoon gezond? Het feit dat een mens een veilige haven heeft, hoeft per definitie niet te betekenen dat het ‘andere’ slecht is. Die twee kunnen prima naast elkaar leven. Zo gek is het niet dat een moslim zich liever onder andere moslims bevindt of dat een christen het liefst zijn verjaardag viert met zijn eigen familie en vrienden (dus waarschijnlijk christenen). Het wordt alleen maar ‘gevaarlijk’ als een persoon niet openstaat voor het andere en zich volledig keert tegen alles wat anders is. Hierdoor ontstaan er onwetendheid en vooroordelen wat kan zorgen voor een onderlinge strijd. Daar hadden wij 6 april gelukkig geen last van. Alleen maar begripvolle woorden vulden de avond. De onderlinge verschillen werden gezien als een verrijking. Een leuke anekdote van de avond kan niet onmisbaar blijven in dit verhaal: ‘Er was eens een man die nogal negatief opkeek naar vrouwen met hoofddoeken. Hij noemde ze ‘de hoofddoekjes’. Dit beeld over vrouwen met een hoofddoek veranderde compleet toen hij geholpen werd door ‘de hoofddoekjes’ toen hij van zijn rolstoel viel. Daarna kon hij wel spreken over vrouwen met een hoofddoek.’

Het eigenaardige hieraan is dat de negativiteit van de mens vooral gevoed wordt door angst voor het onbekende, onwetendheid en vooroordelen. Door de participatie van beide groepen aan dit gesprek en elkaar te onderwijzen, kan er een einde worden gemaakt aan alle negativiteit. Het omarmen van diversiteit is een doel die te behalen valt. Op 20 april is het derde en tevens het laatste onderdeel van deze cursus. Mis deze (laatste) kans niet en kom bijeen om bij te dragen aan  een vredige, maar ook diverse samenleving.

 

Geprikkeld door dit verslag?

Lees dan ook de verslagen van de andere twee bijeenkomsten:

Deel I: Barmhartigheid

Deel II: “Ik, wij en zij…”

Deel III: Wat maakt dat ik (blijf) geloven?