, , , , , ,

Deel II: “Ik, wij en zij…” bekeken vanuit de islam en het christendom

Verslag: Karima Moussa,
masterstudent Islam in de moderne wereld, Universiteit van Amsterdam

 

Op 6 april vond de tweede dialoogbijeenkomst tussen moslims en christenen plaats. Ditmaal ging het over het onderwerp ‘ik, wij en zij’. We wonen in een hele diverse en veelkleurige stad. Er is een veelheid aan meningen, (geloofs)overtuigingen en (sub)culturen. Dat is mooi, maar levert ook spanningen op. Hoe ga ik om met diversiteit en met mensen die anders denken dan ik (ook binnen mijn eigen traditie)? Hoe zit het met het belang van de ander? Zijn er grenzen aan mijn eigen vrijheid? Hoe is in de tradities van christendom en islam in de loop van de geschiedenis met deze vragen omgegaan? Dit waren enkele vragen die centraal stonden bij deze bijeenkomst. 

30 maart vond naar aanleiding van de cursus ‘moslims en christenen’de eerste ontmoeting plaats tussen christenen en moslims. De cursus bestaat uit drie delen en het doel is om christenen en moslims met elkaar in gesprek te brengen om zo wederzijdse begrip en respect aan te moedigen. De eerste cursusavond had als thema ‘barmhartigheid’. Een kernwoord die het christendom, jodendom en islam  met elkaar delen, is barmhartigheid. Hoe wordt er vanuit deze benadering met vluchtelingen omgegaan?

Ik, wij en zij - vanuit islamitisch en christelijk perspectiefDe tweede ontmoeting vond plaats op 6 april in het Oude of Pelgrimsvaderkerk. Er kwamen hier zeker 50 nieuwsgierige cursisten op af. De inleiding van de avond werd gevuld met twee korte speeches van dominee Martijn van der Laar van de Oude of Pelgrimsvaderkerk en Ahmet Kaya van Platform INS. Dominee van der Laar informeerde ons over het ontstaansgeschiedenis van het christendom wat in het Romeinse Rijk begon. Het Romeinse Rijk kende veel diversiteit, maar het aanpassen was een grote must. Het was dan ook niet makkelijk voor de kleine groep christenen. De christenen waren in een minderheid en het geloof werd vooral verspreid via vluchtelingen. Ondanks de kwetsbaarheid van de christenen, heeft de kleine groep zich staande weten te houden. Pas  313 na Christus werd het een toegestane religie. Het tij keerde. Het christendom werd een staatsreligie, waardoor het christen zijn een grote voordeel werd.

Zowel dominee van der Laar als Ahmet Kaya behandelden de twee belangrijkste figuren van het christendom en Islam, Jezus en profeet Mohammed. Het opmerkelijke van deze twee personen zijn de gemeenschappelijke kenmerken. Hoewel de christelijke en islamitische samenleving zich vaak kenmerkt door het ‘wij, zij gevoel’, raadden zowel Jezus als profeet Mohammed dit ten strengste af. De liefde en barmhartigheid voor de medemens is belangrijk. Jezus was een vrij persoon en trok zich niets aan van het wij/zij cultuur. Hij kende een ongekende innerlijke vrijheid wat zijn identiteit versterkte waardoor ondanks de vele scheldwoorden die hij naar zich toe kreeg geslingerd, hij met iedereen vrij omging. Jezus fungeert dan ook als een voorbeeld voor vele christenen. Zijn vrije geest en sterke persoonlijkheid stimuleren het liefhebben van de medemens.

Het tweede deel van de inleiding werd verzorgd door Ahmet Kaya die uitleg gaf over profeet Mohammed. Naar aanleiding van het verhaal over de profeet, probeerde Ahmet Kaya aan te geven dat het van belang is goed voor elkaar te zorgen. Elk mens is bijzonder en ongeacht de onderlinge verschillen, delen we een belangrijke kenmerk: we zijn uiteindelijk allemaal mens en gecreëerd door de schepper. De profeet heeft vanwege zijn uitnodiging tot het geloof, net als Jezus, een moeilijke periode gekend. In een tijd waarin afgoderij de samenleving bepaalde, was het geloven in één God onvoorstelbaar. De profeet werd uitgescholden, maar trok zich hier niet veel van aan. De openbaringen die hij van engel Gabriël ontving in de grot Hira, verrijkten op zijn zachtst gezegd zijn leven. Het werd zijn taak om dit over te brengen op de mensen. Zijn (eerste) vrouw Khadija, steunde hem en dit maakte hem sterk in zijn levensdoel. Toch was het niet makkelijk te blijven in Mekka en met de weinig moslims die er toen waren, vertrok hij dan ook naar Medina. Ongeacht de negativiteit van de samenleving, koppelde de profeet de verschillende mensen en groeperingen aan elkaar. ‘Zorg goed voor je buren’ is een belangrijke zin die de profeet meerdere malen heeft uitgesproken.

Jezus en eveneens profeet Mohammed hebben het moeilijk gehad om het woord van God over te brengen op de mensen. Het is dan ook niet voor niks dat God deze twee personen heeft uitgekozen om dit te doen. Hun sterke persoonlijkheid en identiteit zorgden ervoor dat zij deze taak op zich konden nemen en er met volle overtuiging voor konden gaan. Deze twee personen zijn een toonbeeld voor christenen en moslims. De christenen geloven dat God via Jezus tot hen is gekomen, terwijl de moslims geloven dat de profeet openbaringen ontving van engel Gabriël om dit over te brengen op de bevolking. Dat God genadig, barmhartig en vergevingsgezind is, delen beide religies en er moet dan ook ondanks de verschillen niet worden vergeten dat God de schepper is van alle schepselen, wat  de mens juist met elkaar verbindt. Vanuit dat perspectief moet er worden samengeleefd. Ondanks het feit dat Rotterdam een diverse stad is,  is het belangrijk te weten dat de twee vooraanstaande figuren vrij in de omgang waren en iedereen met respect behandelden.

Hoe is er dan een situatie ontstaan waarin we toch in een ‘ik, wij, zij’ cultuur leven? Over dit onderwerp gingen de aanwezigen in kleine groepen christenen en moslims in gesprek. Wat al heel snel opviel waren de rustige dialogen. Het doel was niet om elkaar te overtuigen, maar geïnteresseerd naar elkaars verhaal te luisteren. Uiteindelijk is elk mens overtuigd van zijn eigen gelijk. Het doel moet dan ook zijn om elkaars waarheden te respecteren. Opmerkelijk is dat bijna elk persoon blij was met een pluriforme samenleving. Het verrijkt de stad werd er gezegd en het maakt de stad tot wat die nu is. Het ‘wij, zij’ denken leeft wel, maar is dit eigenlijk niet gewoon gezond? Het feit dat een mens een veilige haven heeft, hoeft per definitie niet te betekenen dat het ‘andere’ slecht is. Die twee kunnen prima naast elkaar leven. Zo gek is het niet dat een moslim zich liever onder andere moslims bevindt of dat een christen het liefst zijn verjaardag viert met zijn eigen familie en vrienden (dus waarschijnlijk christenen). Het wordt alleen maar ‘gevaarlijk’ als een persoon niet openstaat voor het andere en zich volledig keert tegen alles wat anders is. Hierdoor ontstaan er onwetendheid en vooroordelen wat kan zorgen voor een onderlinge strijd. Daar hadden wij 6 april gelukkig geen last van. Alleen maar begripvolle woorden vulden de avond. De onderlinge verschillen werden gezien als een verrijking. Een leuke anekdote van de avond kan niet onmisbaar blijven in dit verhaal: ‘Er was eens een man die nogal negatief opkeek naar vrouwen met hoofddoeken. Hij noemde ze ‘de hoofddoekjes’. Dit beeld over vrouwen met een hoofddoek veranderde compleet toen hij geholpen werd door ‘de hoofddoekjes’ toen hij van zijn rolstoel viel. Daarna kon hij wel spreken over vrouwen met een hoofddoek.’

Het eigenaardige hieraan is dat de negativiteit van de mens vooral gevoed wordt door angst voor het onbekende, onwetendheid en vooroordelen. Door de participatie van beide groepen aan dit gesprek en elkaar te onderwijzen, kan er een einde worden gemaakt aan alle negativiteit. Het omarmen van diversiteit is een doel die te behalen valt. Op 20 april is het derde en tevens het laatste onderdeel van deze cursus. Mis deze (laatste) kans niet en kom bijeen om bij te dragen aan  een vredige, maar ook diverse samenleving.

 

Geprikkeld door dit verslag?

Lees dan ook de verslagen van de andere twee bijeenkomsten:

Deel I: Barmhartigheid

Deel II: “Ik, wij en zij…”

Deel III: Wat maakt dat ik (blijf) geloven?

, , ,

Deel I: Barmhartigheid, bekeken vanuit de islam en het christendom

Verslag: Anne Jan Hempenius
masterstudent Religion, Globalization & Conflict aan de Rijksuniversiteit Groningen

We leven in een land met een ontzettende variëteit aan bevolkingsgroepen met eigen achtergronden, wereldvisies en levensovertuigingen. Vaak leven deze groepen langs elkaar heen en praten ze óver elkaar in plaats van mét elkaar. Er zijn echter tal van initiatieven die verschillende groepen bij elkaar brengen en de gezamenlijke cursus voor moslims en christenen is daar een van. Deze cursus wordt al voor de 9e keer georganiseerd en wordt dit jaar georganiseerd door vereniging Ettaouhid, de Oude of Pelgrimsvaderskerk en Platform INS. De eerste avond op 30 maart was voor aanwezigen een eyeopener.

Barmhartigheid in islam en christendom

Christelijk perspectief

Barmhartigheid was het onderwerp van de avond en werd eerst vanuit het christelijk perspectief benaderd. Regine van Laar van de Pelgrimsvaderkerk gaf aan dat barmhartigheid een oeroude woord is uit de Bijbel, maar niettemin vandaag de dag erg actueel blijft. Kijk maar naar het vluchtelingenvraagstuk. Toevallig was op dezelfde dag in de Trouw een pleidooi verschenen voor een open samenleving waarin werd omgezien naar vluchtelingen.

Barmhartigheid brengt echter ook complexe vragen met zich mee. Hoe ga je om met de ander? Wie is de ander? Hoe verhoudt je je tot de medemens? Hoe breng je barmhartigheid in de praktijk? Hoe beantwoordt het christendom deze vragen? Als voorbeeld gaf Regine het verhaal van de barmhartige Samaritaan, die luidt als volgt:

“Er kwam een man bij Jezus en die vroeg: “Wie is mijn naaste?” Jezus antwoordde met een verhaal. “Er was eens een man die op reis ging, maar hij werd mishandeld, beroofd en achtergelaten. Toen kwam er een priester langs. Deze zag de man liggen, maar liep verder. Daarna kwam een leviet langs, een tempelbediende. Ook deze zag de man, maar liep in een boog om hem heen. Vervolgens kwam er een Samaritaan langs, uit een bevolkingsgroep die in die tijd met argusogen werd bekeken. Echter, de Samaritaan stopte en kreeg medelijden met de man. Hij verzorgde zijn wonden en bracht hem naar de dichtstbijzijnde herberg en liet genoeg geld achter voor een goede verzorging.”

Wie is dus de naaste geworden van deze man? De Samaritaan, de vreemdeling. Barmhartigheid zorgt er dus voor dat vreemdelingen naasten worden. De kern van barmhartigheid is dat je geraakt wordt vanuit moederlijke of vaderlijke gevoelens. Het christendom geeft hierbij een aantal richtlijnen en het begrip ‘openheid’ heeft hierbij een centrale rol.

Hoe ziet die barmhartigheid er tegenwoordig uit? Een antwoord is te vinden in de Taizé-gemeenschap. Zij geven een aantal voorstellen:

  • Blijf open naar God. Dit kan je doen door te bidden voor ontferming over jezelf
  • Zoek alleen of samen met anderen mensen in nood op
  • Zet je in voor de vrede voor de plek of stad waar je woont en sta open voor mensen
  • Wees barmhartig voor de schepping door bewust te leven
  • Blijf open voor mensen en laat je door hen raken

Koran

In de Koran komt het woord barmhartige meer dan 400 keer voor, geeft Alper Alasag van Platform INS aan. En “op één na beginnen alle 114 hoofdstukken van de Koran met ‘in naam van God, de Barmhartige en Erbarmer’”. De barmhartige verwijst naar de liefdevolle genade die God aan alle schepselen geeft, ook als ze zijn genade niet verdienen. Gods barmhartigheid omvat al zijn creatie. In een profetische vertelling zei profeet Mohammed: “God heeft zijn genade gedeeld in 100 stukken. Hij stuurde daar één deel van naar de mensen, waar zij genoeg aan zullen hebben tijdens hun  leven. De andere 99 zijn bestemd voor zijn vrienden op de Dag des Oordeels”. Wat betekent dit in de praktijk in de omgang met de ander, moslims of niet-moslims? Moeten wij ons laten leiden door deze genade? Moslims hebben de opdracht om aan een eigen persoonlijkheid te werken in de richting van een ideaal dat zich kenmerkt door naastenliefde, nederigheid en genade. Hoe meer dit ideaal bereikt zal worden, hoe meer vrede er zal ontstaan. Ook hier werd een vertelling gebruikt van profeet Mohammed om duidelijk te maken wat barmhartigheid precies betekent in de Koran.

“Een man was onderweg en had veel dorst. Hij zag een put en daalde af. Beneden gekomen dronk hij het water. Toen hij bovenkwam zag hij een hond die uit dorst de grond likte. De man werd hierdoor geraakt en daalde nogmaals af. Hij vulde zijn schoen met water en gaf dit aan de hond. Allah was tevreden over deze man zijn blijk van barmhartigheid en vergaf hem al zijn zonden.”

Het is daarbij dus belangrijk, zoals hierop gewezen wordt in de Koran, dat dit zich ook in de praktijk uit:

Godvruchtigheid en deugd betekenen niet dat jullie je gezichten in de richting van het oosten of het westen wenden; maar godvruchtig en deugdelijk is hij, die gelooft in God en de Laatste Dag, de engelen, het Boek en de profeten en met liefde van zijn bezit weggeeft aan zijn verwanten, de wezen, de behoeftige mensen, de reiziger en degenen die moeten bedelen (of die een lening nodig hebben), en voor het vrijkopen van slaven, en degenen die het Gebed (de Salaat) verrichten en de voorgeschreven zuiverende aalmoezen (de Zakaat) betalen. Evenals zij die zich houden aan hun verbond wanneer zij zich eraan hebben verbonden, en die geduldig en volhardend zijn, in tijden van armoede en ontberingen, en in tijden van strijd. Dezen zijn oprecht in hun geloof. Zij hebben vroomheid en gepaste eerbied voor God getoond.” – Koran, 2:177

Groepen

Het tweede deel van de avond stond gereserveerd voor tafelgesprekken waarbij aan elke tafel een gelijkmatige verdeling tussen moslims en christenen werd gemaakt. Het centrale thema barmhartigheid werd hierbij besproken.

Aan één tafel viel meteen op hoeveel overeenkomsten er waren, maar tegelijkertijd gaven sommigen aan hoe weinig zij nou eigenlijk van elkaars religie afwisten. Er werd gezegd dat profeten in beide religies het altijd hebben gehad over barmhartigheid. Via een bruggetje kwam een gesprek tussen Theo Maassen en Ali B ter sprake waarin laatstgenoemde het volgende zei: “Als je heel fanatiek vergevingsgezind bent, dan kan dat toch nooit heel erg worden?”

Een andere memorabele zin kwam later ter tafel: “Barmhartigheid van Allah is gratis, dus waarom zouden wij voorwaarden stellen?” Ook vroegen mensen zich af of je niet eerst barmhartigheid moet ontvangen voordat je het kan geven, omdat je dan weet wat voor effect zoiets heeft op mensen.

Afsluiting

Aan het einde van de avond kwam de afsluiting en werden de discussies kort samengevat door de groepsleden. Samengevat kwam het volgende uit de groepen:

  • Barmhartigheid staat centraal in beide geloven
  • Het was indrukwekkend om met andere broeders en zusters te mogen praten en er is ontzettend veel geleerd
  • De mooie ontvangst en gastvrijheid van de organisatie was ook een typisch voorbeeld van barmhartigheid
  • De actualiteiten in Brussel en vluchtelingencrisis is het tegenovergestelde van barmhartigheid en staat een open samenleving in de weg

 

Geprikkeld door dit verslag?

Lees dan ook de verslagen van de andere twee bijeenkomsten:

Deel I: Barmhartigheid

Deel II: “Ik, wij en zij…”

Deel III: Wat maakt dat ik (blijf) geloven?

, ,

CURSUS “GELOVEN IN DE MODERNE TIJD”

Platform INS organiseert i.s.m. de Pelgrimvaderskerk , Vereniging Ettaouhid en studentenvereniging NSR de cursus “Geloven in de moderne tijd”. Dit is een gezamenlijke cursus voor moslims, christenen en geïnteresseerden. De cursus bestaat uit drie avonden en iedere avond staat in het teken van een thema rond “geloven”.

 

De cursus is uniek in zijn soort! Nationaal en internationaal is de cursus afgelopen jaren in het zonnetje gezet door de media en wetenschap en hebben meer dan 500 mensen meegedaan aan deze activiteit! De afgelopen keren stond iedere bijeenkomst een persoon centraal die zowel in de Bijbel als in de Koran voorkomt. Sinds vorig jaar hebben wij een nieuw concept. Wij zullen drie avonden organiseren, ieder rond een andere thema:

 

  1. Gods wet of Grondwet?

Waar ligt de loyaliteit van gelovigen? Bij het “Koninkrijk van God” of bij het “Koninkrijk der Nederlanden”? Is onze grondwet en onze democratische samenleving wel veilig bij moslims en christenen of gehoorzamen zij uiteindelijk God en niet de koning? Hebben alle gelovigen in die zin niet een dubbel paspoort? Zijn ze met hun dubbele loyaliteit wel te vertrouwen?

 

  1. Zendingsdrang van christenen en moslims?

De missionaire drive van sommige christenen en moslims roept vaak allergie en wantrouwen op. Gelovigen gaan vaak wel in dialoog en gesprek. Zij doen ook veel maatschappelijk werk. Maar willen zij uiteindelijk niet zieltjes winnen en mensen bekeren? Kun zij hun integriteit wel bewaren? Hoe zit het met de Christelijke zending en de Islamitische dawa?

 

  1. Religie in de participatiesamenleving

Volgens velen hoort religie thuis achter de voordeur, in het privédomein. Tegelijkertijd wordt ook van gelovigen gevraagd te participeren in de samenleving. Kun je je geloof dan thuislaten? Veel vrijwilligerswerk en diaconaal werk wordt gedaan door gelovigen. Vanuit welke motivatie doen zij dit? En kunnen we hier ook een concreet project aan koppelen door als christenen en moslims samen een seculier goede doelen project te steunen? Aan deze avond willen wij ook een sociale activiteit koppelen waarbij we als moslim en christen zijnde iets kunnen betekenen voor de zwakkeren in de samenleving. Dit zal plaatsvinden op 21 april.

 

Iedere avond houdt een christen en een moslim vanuit hun eigen traditie een korte inleiding over het thema. Na de inleidingen praten we hierover door in gemengde groepjes. Je ontdekt de overeenkomsten en tegelijkertijd ook de karakteristieken van het Christelijk geloof en de Islam. En dat alles in een vriendschappelijke, open en eerlijke sfeer. Ook staat er met de cursisten een kerk- en een moskeebezoek gepland.

 

 

Cursusdata en locatie

Dinsdag 10 maart, locatie: wordt nog nader bekend gemaakt

Dinsdag 17 maart, locatie: wordt nog nader bekend gemaakt

Dinsdag 24 maart, locatie: wordt nog nader bekend gemaakt

Dinsdag 21 april, locatie en inhoud van de sociale activiteit wordt tijdens de cursus bekendgemaakt.

 

Data voor het kerk- en moskeebezoek worden tevens tijdens de cursus bekendgemaakt.

 

Tijd:19.45-22.00 uur

Toegang: Gratis

Voor meer informatie en/of aanmelding voor deze activiteit kunt u mailen naar s.evsen@platformins.nl l of bellen met Platform INS, tel: 010-240 00 15.

 

 

 

 

 

 

 

,

Verslag: “Heeft Nederland nog iets aan gelovigen?”

Derde bijeenkomst van de cursus “Geloven in de moderne tijd”

19 maart 2014

Beteken je als gelovige nog iets voor de samenleving? Wat merken mensen om jou heen hiervan? Hoe krijgt christen en moslim zijn handen en voeten? De derde en laatste bijeenkomst van de cursus ging over “geloof en burgerschap”.

Sultan Albayrak, de moslim inleidster deed de aftrap in de Pelgrimsvaderkerk. Zij citeerde vaak uit de werken van de moslimgeleerde Said Noersi: “Ik laat mij inspireren door de boeken van Said Noersi, een Islamgeleerde uit de 20ste eeuw in Turkije. Hij leert de lezer om de creatie in de natuur op te merken. Want de Schepper wil dat wij alles wat Hij heeft geschapen opmerken, ons hierover verwonderen en God lief hebben.”

Wie gelooft ziet de mooie, de positieve om zich heen, wie de positieve om zich heen ziet denkt positief en wie positief denkt geniet meer in en van het leven, vindt Sultan. Indien de mens zijn egocentrische instelling opgeeft en zich wendt tot de Schepper zal hij het goede proberen te doen en het kwade achterwege laten door zijn vertrouwen op de Schepper. Volgens de mosliminleidster zal je dan mensen vergeven en vergiffenis voor hen vragen, ook wanneer zij jou hebben gepijnigd.

Vervolgens legt Sultan Albayrak de link met burgerschap: “Zulke mensen zijn in alle tijden en in alle samenlevingen nodig. Zulke mensen betekenen veel voor de maatschappij. Zo ziet de omgeving de goede eigenschappen en de positieve instelling van de gelovige. Mensen weten vaak dat je de kracht, je zelfverzekerdheid en je positiviteit uit je geloof put. Zij zien jouw vergevingsgezindheid, mededogen, geduld en rechtvaardigheid. Zulke mensen zijn goede voorbeelden voor de samenleving.”

Er zijn vele manieren waarmee je de samenleving als gelovige van dienst kan zijn volgen Sultan. Zorg bieden aan anderen, activiteiten organiseren in de wijk die mensen met elkaar verbindt en mensen opzoeken die eenzaam zijn vormen hier allemaal voorbeelden van.

Het was de avond van de vrouwelijke inleiders. Sultan gaf het woord aan Regine van Laar, theoloog en de christelijke inleidster van de avond. Regine vertelde dat christenen niet allen God lief moeten hebben, maar ook hun naasten.

Zo vindt zij dat bij het beroemde verhaal van de Barmhartige Samaritaan Jezus leert dat je naaste kunt worden. “Het verhaal leert ons dat de ander, de vreemdeling onze naaste wordt als hij ons ziet in onze val, eenzaamheid, ziekte en gevangenschap. Het verhaal leert ons om te kijken, te zien en te luisteren naar dat wat op onze weg komt. Vaak lopen wij ervoor weg omdat we geen tijd, geld of zin hebben om echt om te zien. Naaste word je.”, voegt Regine van Laar hieraan toe.

Dit betekent volgens de christelijke theoloog oefenen in kijken, reageren, omzien, liefhebben en helpen. Kortom, oefenen in naastenliefde. Want de wereld draait om meer dan om onszelf. Regine vindt de kerk een uitstekende oefenplaats voor naastenliefde.

“Ik weet ook dat niemand perfect is. Ook gelovigen blijven mensen met falen, met oogkleppen op. We kunnen ook niet alles en iedereen helpen. Maar God leert ons niet alleen om op Hem en onszelf te focussen, maar ook op de ander.”, aldus Regine van Laar.

Hulp voor kwetsbaren in de samenleving is een taak voor de overheid, maar de kerk zal altijd een taak hebben om bijstand te verlenen in de ‘rafelrand’ van de maatschappij, vindt Regine. Zij eindigde haar inleiding met de volgende woorden op de dag van de lokale verkiezingen: “Vandaag op de verkiezingsdag geloof ik in liefde en verbinding, in openheid en dialoog, in ontmoeting en oordeelvrijheid, in zoeken en vinden.”

Na de inleidingen gingen de deelnemers weer in kleine groepen het gesprek aan over de thema. Tijdens de laatste avond van de cursus “Geloven in de moderne tijd” werden tevens certificaten uitgedeeld aan de deelnemers. Ook vroegen de organisatoren aan de deelnemers wat zij van de cursus vonden. Op de vraag wat de cursisten het meest aansprak zei iemand: “Wat mij het meest aansprak is hoeveel wij op elkaar lijken. Ik voelde mij snel geaccepteerd. Ik vond het gezellig en er was ook plaats voor lachen.” Een andere deelnemer vond de ontmoeting met moslims de meest aansprekende: “Ze hebben mijn vooroordelen weggenomen en mij verbaasd wat betreft hun toewijding, liefde en inzicht.”

Een deelnemer maakte duidelijk dat hij wacht op een vervolg: “Ik vond het erg leuk en ik heb veel geleerd. Dit smaakt naar meer!” De cursus werd een week later afgesloten met een moskeerondleiding voor de liefhebbers.

,

Verslag: “Ben je gek als je gelooft?”

Tweede bijeenkomst van de cursus “Geloven in de moderne tijd”

5 maart 2014

Past geloven nog wel bij deze tijd? Waarom geloven moslims en christenen eigenlijk in een God? Hoe ga je als christen en moslim om met vragen rond geloof en wetenschap? Moslims en christenen kwamen bijeen om antwoord te vinden op deze vragen.

Dominee Arjan Markus (Pelgrimsvaderkerk) zette de problemen van gelovige christenen met de wetenschap uiteen: “Wetenschap heeft een hoge status in de westerse cultuur. Wetenschappelijke verklaringen maken het scheppingsverhaal overbodig volgens vele (natuur)wetenschappers. Dat is een grote factor in het seculier denken in Nederland”, aldus Arjan.

Zo beweert filosoof Daniel Dennet dat de vermeende natuurlijke selectie in de natuur toevallig is gebeurd en dat er geen sprake is van een Goddelijke sturing. Gelovigen reageren als volgt daarop; Je kunt niet alles met wetenschap verklaren. Datgene wat je niet kunt verklaren, waar gaten zitten in de wetenschap, verklaar je met God. Dat vindt Arjan Markus een slechte strategie: “Gaten in de wetenschap verdwijnen in de loop der tijd. Waarom zou God bovendien alleen maar onverklaarbare dingen (wonderen) doen? De ene verklaring hoeft de andere niet teniet te doen.”

Zo maakt Arjan onderscheid tussen fysische en metafysische verklaringen. Fysische verklaringen kun je met zintuigen waarnemen, terwijl metafysisch staat voor verklaringen die je niet met zintuigen kunt waarnemen. Voorbeeld voor een fysische uitspraak is dat een schaap vier poten heeft. “Mensen bezitten een ziel” is aan de andere kant een metafysische uitspraak. Arjan vindt dat een fysische en een metafysische uitspraak niet van dezelfde orde zijn en dus niet met elkaar in conflict hoeven te zijn. Hij voegt hieraan toe: “Conflicten ontstaan alleen als uitspraken een mix van de fysische en metafysische verklaringen hebben.” Een voorbeeld hiervoor is dat een wetenschapper beweert dat het leven op aarde een aantal miljoen jaren geleden toevallig is ontstaan. Dat het leven miljoenen jaren geleden is ontstaan is een fysische uitspraak, maar dat het leven toevallig is ontstaan is metafysisch.

“Christenen ervaren wel vaak een conflict tussen wetenschap en geloof”, aldus Arjan Markus. “Denk maar aan het contrast tussen evolutie en het scheppingsverhaal; dat de schepping in zes dagen is ontstaan bijvoorbeeld.” Volgens Arjan zijn christenen vaak opgevoed met het idee dat de Bijbelse teksten een doorlopend geschiedenisverhaal vormen. Verder zijn veel christenen nog steeds onder invloed van de kinderbijbels.

Na de probleemanalyse vervolgde de dominee zijn inleiding met adviezen voor christenen: “Christenen moeten beter Bijbel leren lezen. De Bijbel is niet zomaar een doorlopend geschiedenisboek. Er zijn ook teksten die wel over de historische gebeurtenissen gaan, maar toch geen ‘historisch’ verslag vormen. Zo moet je het scheppingsverhaal als een theologisch gedicht lezen over het ontstaan van de aarde.”

Arjan vindt het begrijpelijk dat mensen geloven lastig vinden. Want mensen lezen vaak seculiere kranten en worden ook op deze manier opgevoed. Daarom moet je leren om langs de randen van je wetenschappelijke bril te kijken. Fysisch verklaren is niet namelijk niet de enige manier, vindt Arjan.

Na Arjan Markus kwam Sinan Evsen (Platform INS) aan het woord om het geloof en wetenschap vanuit Islamitisch perspectief te belichten. Sinan vertelde dat er circa duizend verzen zijn in de Koran die kennis en studie aanmoedigen. Hij gaf het volgende vers als voorbeeld:

“Lees in de naam van jouw Heer die heeft geschapen, Hij schiep de mens uit een bloedklonter. Lees, want jouw Heer is de meest Edelmoedige, Die (de mens) met de pen onderwees, Hij heeft de mens onderwezen wat hij niet wist.” (96/1-5)

Zo bestaan er ook overleveringen van Profeet Mohammed (vrede zij met Hem) die kennis vergaren stimuleert: “Kennis vergaren is een plicht voor elke moslim man en vrouw.” [Overlevering door Moesliem]

“Het leren kennen van God is volgens de Islam het doel van kennis opdoen. Het universum, de hele schepping vormt een boek die de schone namen van God weerspiegelen”, aldus Sinan. Deze gedachte heeft volgens Sinan geleid tot een enorme ontwikkeling in de Islamitische beschaving. Zo begon er een groot vertaaloffensief door moslims uit andere talen zoals Grieks en Perzisch. Na een eeuw maakte Europa kennis met deze vertalingen. Dit vormde de ontmoeting van Europa met het Islamitisch denken en de oudheid via de moslimvertalingen. Tussen de 12e en de 17e eeuw is de Islamitische beschaving een bron van verlichting geweest voor de rest van de wereld. De kennisuitwisseling beperkte zich niet alleen tot de wetenschap, maar bestond ook uit literatuur, muziek, architectuur en kledij.

Er bestaat een denkwijze dat beweert dat Islam zoals het christendom niet door een deur past met wetenschap. Door bepaalde denkers die hierover schreven, het ontstaan van de evolutietheorie en sommige botsende normen en waarden tussen geloof en wetenschap heeft dit idee terrein gewonnen volgens Sinan Evsen.

Sinan haalde vervolgens een uitspraak van de moslimgeleerde Gulen aan dat moslims de afgelopen drie eeuwen de Islam niet correct hebben begrepen en niet correct hebben toegepast.

Over de verhouding tussen de Koran en wetenschap zei de mosliminleider het volgende; “Koran kan niet gereduceerd worden tot een wetenschapsboek. Maar de wonderen in de Koran die betrekking hebben op bepaalde wetenschappelijke uitvindingen kun je ook niet negeren.”

Vervolgens ging Sinan Evsen in op de vraag waarom moslims geloven. Hierbij heeft de inleider een aantal argumenten opgesomd die vaak door moslims worden verwoord. “De Goddelijke sturing is een teken voor het bestaan van God. Een eend die pas uit zijn ei komt kan meteen zwemmen, een spin die pas wordt geboren weet hoe hij een spinnenweb moet maken. Terwijl het hier gaat om zeer complexe zaken die niet meteen zijn aan te leren en waar wetenschappers jaren over doen om deze processen te begrijpen, krijgen dieren bepaalde vaardigheden vanaf de geboorte mee als cadeau. Maar hoe kan een spin al vanaf de geboorte een spinnenweb maken zonder te beschikken over het nodige verstand en intelligentie?”, aldus Sinan Evsen. De mosliminleider verklaart dit met de Goddelijke sturing die aanwezig is in het universum.

Na deze inleidingen gingen moslims en christenen groepsgewijs het gesprek aan over de thema. Aan het einde van de avond was het al tien uur geweest. Toch stond niemand op om naar huis te gaan en ging de dialoog nog een poosje door. De thema sprak blijkbaar “de gelovigen in de moderne tijd” enorm aan…